Deel 2: Programmaplan

Algemene baten en lasten

In onderstaande tabel zijn de algemene dekkingsmiddelen opgenomen.

bedragen x € 1.000

werkelijk 2019

begroot
2020

begroot
2021

begroot
2022

begroot
2023

begroot
2024

0.5

Treasury

677

288

156

-35

-134

-235

0.61

OZB woningen

404

420

370

370

370

370

0.62

OZB niet-woningen

170

172

206

206

206

206

0.64

Belastingen Overig

15

24

24

24

24

24

0.7

Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds

0

0

0

0

0

0

0.8

Overige baten en lasten

763

-472

554

207

111

502

totaal lasten

2.029

431

1.310

771

577

867

0.5

Treasury

564

314

300

289

286

283

0.61

OZB woningen

4.467

4.895

5.568

5.700

5.720

5.785

0.62

OZB niet-woningen

4.389

4.923

5.476

5.525

5.575

5.626

0.64

Belastingen Overig

4.097

4.093

4.057

750

750

750

0.7

Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds

75.738

75.660

78.730

79.086

79.371

80.035

0.8

Overige baten en lasten

215

0

0

300

300

300

totaal baten

89.471

89.886

94.131

91.650

92.002

92.779

totaal taakvelden

-87.442

-89.455

-92.821

-90.879

-91.426

-91.912

Treasury
Op dit taakveld ramen we het saldo van de rentelasten en de rentebaten zoals deze door de hele begroting zijn verdeeld.
We houden in deze begroting rekening met een rente van 1,0%. Deze rente rekenen we toe aan alle investeringen, zowel de oude als de nieuwe.
Het renteresultaat is het verschil tussen de werkelijk te betalen rente over de aangegane leningen en de toegerekende rente aan investeringen. We ramen dat voor 2021 op € 144.000 positief. Dat komt omdat we over de aangegane leningen gemiddeld iets minder dan 1% betalen. Als gevolg van de aanhoudend lage rente verwachten we voor de komende jaren een positieve ontwikkeling op de rentekosten.
In de paragraaf financiering is meer informatie opgenomen over de aangegane en verstrekte leningen.
Daarnaast is hier het dividend geraamd van de aandelen BNG en Vitens. Deze inkomsten ramen we op € 45.000.

Belastingopbrengsten

Voor een toelichting op het door ons voorgestelde tarievenbeleid verwijzen we u naar de paragraaf A, lokale heffingen, van deze begroting.
In de raming van de opbrengst OZB is rekening gehouden met een toename van de woningvoorraad met 239 en een tariefstijging in verband met de bezuinigingen van 10% en voor inflatie van 1,7%. Daarnaast verlagen we de tarieven in verband met de verwachte waardestijging van 7%, om zo te voorkomen dat huishoudens en bedrijven als gevolg van deze waardestijging automatisch een hoger bedrag aan OZB moeten betalen.

De overige belastingen bestaan uit de volgende onderdelen

Belastingsoort

Raming opbrengst

Reclamebelasting

460.000

Precarioheffing

3.342.000

Hondenbelasting

255.000

Totaal

4.057.000

De opbrengst reclamebelasting wordt, na aftrek van gemaakte kosten (met name van de BSR), één op één doorbetaald aan de ondernemersverenigingen.

De raming opbrengst precarioheffing bestaat uit 3 onderdelen:

  • de heffing voor gasleidingen € 1.255.000;
  • de heffing voor elektriciteitsleidingen € 2.052.000;
  • de heffing voor terrassen en standplaatsen € 35.000

Deze heffing op leidingen kan nog geraamd worden t/m 2021, daarna is deze heffing niet meer toegestaan.

De kosten van uitvoering van de wet WOZ en de heffing en invordering door BSR worden toegerekend aan de diverse heffingen conform de opgave in de begroting van BSR.

Algemene uitkering

In deze begroting is rekening gehouden met de septembercirculaire 2020.
Wij hebben u informatienota's geïnformeerd over de gevolgen van de mei- en van de septembercirculaire.
In de septembercirculaire is een aanpassing hierop op basis van de Rijksbegroting 2020 die op Prinsjesdag bekend is gemaakt is een aantal bedragen opgenomen die kunnen leiden tot extra uitgaven of besparingen in onze begroting. Deze bedragen hebben we vooralsnog geraamd onder de stelposten. Op een later moment zullen we voorstellen doen hoe we deze stelpost verdelen over de programma's.

Structurele middelen tekorten Jeugdzorg
Voor de tekorten die zijn opgetreden bij de Jeugdzorg hebben de gemeenten een tegemoetkoming ontvangen voor de jaren 2019 t/m 2021; inmiddels is deze ook voor 2022 beschikbaar gesteld. Net als vorig jaar is het gemeenten toegestaan om een stelpost op te nemen om deze middelen ook in de jaren 2023 en 2024 door te trekken. Dat kan voor een maximum van het bedrag dat in de jaren 2019 t/m 2022 wordt ontvangen, voor Tiel is dat € 777.000. Wij stellen u voor om van deze mogelijkheid gebruik te maken, hoewel het dus nog geenszins zeker is dat we deze middelen ook zullen ontvangen. We nemen hiervoor dan ook een risico op in ons risicomanagement.

Overige lasten en baten

Deze bestaan uit de volgende onderdelen:

bedragen x € 1.000

werkelijk 2019

begroot
2020

begroot
2021

begroot
2022

begroot
2023

begroot
2024

Nog te verdelen loon- en prijsstijgingen

Stelposten

75

150

225

300

Nog te verdelen uitkering gemeentefonds

Stelposten

613

191

220

336

Nog te verdelen nieuw beleid

Stelposten

400

600

800

Nog te verdelen lasten

Inhuur derden

120

45

122

122

122

122

Nog te verdelen lasten

Bezuinigingstaakstelling

-214

-189

-189

-189

-189

Nog te verdelen lasten

Stelposten

-3

-120

-120

-120

-120

-120

Nog te verdelen lasten

Toevoeging aan voorziening

301

Nog te verdelen lasten

Bijdrage aan overheden geen subsidieverordening

-250

-500

-500

Nog te verdelen lasten

Bijdr aan verenig/instelling geen subsidieverord

-150

-300

-300

Bovenformatief en voormalig personeel

Stelposten

45

Bovenformatief en voormalig personeel

Salarissen en sociale lasten

114

Bovenformatief en voormalig personeel

Salarissen en sociale lasten voormalige personeel

16

230

50

50

50

50

Bovenformatief en voormalig personeel

Toevoeging aan voorziening

200

Bovenformatief en voormalig personeel

Uitbestede werkzaamheden

17

Doorschuif-BTW gemeenschappelijke regelingen

Stelposten

-47

-438

-38

-38

-38

-38

totaal lasten

763

-497

514

167

71

462

Nog te verdelen lasten

Bijdrage van overheden geen subsidieverordening

300

300

300

Bovenformatief en voormalig personeel

Vergoeding uitgeleend personeel

191

Bovenformatief en voormalig personeel

Onttrekking aan voorziening

24

totaal baten

215

0

0

300

300

300

saldo

548

-497

514

-133

-229

162

Toelichting overige lasten en baten

Nog te verdelen loon- en prijsstijgingen
Elk jaar stijgen de lonen als gevolgen van periodieken, bevorderingen en dergelijke. In de begroting nemen we een stelpost op van 0,5% van de loonsom om deze kosten te dekken.

Nog te verdelen uitkering gemeentefonds
Voor elke woning die in Tiel nieuw gebouwd wordt, ontvangen we extra middelen via de algemene uitkering en de OZB. Een bedrag van € 450,-- per nieuwe woning reserveren we voor de gevolgen van groei van de stad voor diverse budgetten, zoals onderhoud groen en wegen, onderwijs, ouderenvoorzieningen en dergelijke.
Na vaststelling van de werkelijke nieuwbouw kan in de loop van 2021 het exacte budget voor areaaluitbreiding worden bepaald en bestemd.
Daarnaast hebben we hier de nog te verdelen geoormerkte bedragen van de septembercirculaire geraamd, waaronder € 392.000 voor de gevolgen van de Coronacrisis.

Nog te verdelen nieuw beleid
Op deze stelpost ramen wij in het meerjarenperspectief voor nog onbekende tegenvallers en onvermijdelijke nieuwe uitgaven € 200.000 voor incidentele en € 200.000 voor structurele uitgaven.

Nog te verdelen lasten/inhuur derden
Op diverse plaatsen in de begroting ramen we kosten voor inhuur van derden. De raming hier is nog niet verdeeld, dit gebeurt in de loop van het jaar over de teams die daaraan behoefte hebben.

Nog te verdelen lasten/stelposten
Doordat investeringen nooit allemaal direct in het voorgenomen jaar gereed komen, treedt er jaarlijks onderuitputting op op de kapitaallasten. In de begroting houden wij hier op voorhand al rekening mee.

Nog te verdelen lasten/bezuinigingstaakstelling.
Dit betreft een taakstelling achterblijvende overhead.

Bovenformatief en voormalig personeel/salarissen en sociale lasten voormalig personeel
De gemeenten zijn eigen risicodrager voor de WW. Hierdoor ontstaan bij beëindiging van dienstverbanden soms WW-verplichtingen.

Doorschuif-BTW gemeenschappelijke regelingen
De BTW die de gemeenschappelijke regelingen terugontvangen, sluizen zij door naar de deelnemende gemeenten. Deze inkomst dient als dekking voor de korting op het gemeentefonds bij de invoering van het BTW-compensatiefonds.

Mutaties reserves

In onderstaande tabel zijn de reserves genoemd die geen betrekking hebben op een bepaald programma en daarom in dit hoofdstuk worden opgenomen, inclusief de voorgestelde stortingen en onttrekkingen in 2021.

Naam reserve

stand per
1-1-2021

 toevoegingen

onttrekkingen

stand per
31-12-2021

Algemene weerstandsreserve

10.813.649

526.000

10.287.649

Reserve frictiekosten ombuigingen

480.000

20.000

460.000

Investeringsfonds

849.648

849.648

Dekking temporiseren bezuinigingen op subsidies

187.004

30.020

156.984

Deze pagina is gebouwd op 10/16/2020 12:17:28 met de export van 10/16/2020 11:55:28